Bepaal eerst de wegsituatie. Een wegvallende rijstrook bij sterk vertraagd verkeer verschilt van een invoegstrook naar een autosnelweg. Vergelijkbare tekeningen kunnen dus een andere beslissing vragen.
Bij ritsen in sterk vertraagd verkeer gebruik je de rijstroken tot vlak vóór de versmalling en voeg je beurtelings één voertuig in. Een richtingaanwijzer meldt je bedoeling, maar maakt een plots manoeuvre niet veilig.
Bij het oprijden van de autosnelweg verleen je voorrang aan wie er al rijdt, ook bij traag verkeer. Pas snelheid aan en zoek een veilige opening; anderen mogen helpen maar hoeven niet naar links uit te wijken.