1. Herken de beslissende details
Op het Vlaamse theorie-examen beantwoord je 48 vragen juist en maak je twee fouten van elk 5 punten. Ben je geslaagd?
2. Vergelijk de mogelijke keuzes
- Ja: slechts twee fouten vallen binnen de marge.
- Nee: 40/50, onder de vereiste 41.
- Ja: 48 juiste antwoorden betekent 48/50.
Toon antwoord en uitleg
Juist antwoord: B · Nee: 40/50, onder de vereiste 41.
Je start met 50 punten. Twee fouten van vijf punten kosten 10: resultaat 40. Je hebt 41 nodig; alleen juiste antwoorden tellen negeert de strafweging. Dit voorbeeld gaat over Vlaanderen.
3. Wat verandert als de situatie wijzigt?
Eén fout van vijf en vier fouten van één kosten 9 punten: 41/50. Bereken de gewogen aftrek, niet alleen het aantal fouten.
Regelgevende bron ↗Flanders theory scoringGecontroleerd 2026-11-06